zondag 7 augustus 2011
Remus
Nadat ik geprobeerd had James wat te kalmeren, merkte ik dat Evanlyn weg was. Dat maakte me wat nou ja verdrietig. Misschien was het ook raar geweest om daar te blijven staan aangezien ik me volledig op James had geconcentreerd. Ik besloot dat het misschien slim was voor James om te gaan. Hij had me verteld dat hij zich zo dom voelde. Omdat hij voor de zoveelste keer zijn liefde voor Lily had geconfessed. Iedere keer dat hij dat deed kwam hij wel wat gedeukt over. Een deukje in zijn ego omdat Lily weer hem had afgewezen. Maar deze keer was anders. Deze keer kon hij er zelf niet meer om lachen. Ik voelde medelijden voor hem. Niet dat ik hem dat liet zien want dat zou hem misschien alleen maar kwaad maken. Ik pakte hem bij zijn pols en trok hem mee. Lily zou vast niet meer daar zijn en ik hoopte dat ze naar haar slaapzaal was zodat James haar niet meer zou zien. Voor vandaag dan. Het viel me mee dat James niet tegenstribbelde. Veel keken ons na. Moest er dan op zich ook wel raar uit gezien hebben maar dat maakte me niet uit. In de hal liet ik hem los. Waar stonden al die meiden omheen. Ik herkende een paar van Gryffindor en ik ging ook maar kijken. Ik zag een glazen muiltje en herkende die dan ook meteen van Evanlyn. Maar ik durfde het niet zo te pakken. Misschien kon ik dat wel als ik het deed omdat ik Prefect was. Ik hoorde Hestia Jones naast me een gilletje slaken. Wat? Sirius met een ander meisje? Het was uit. Ik draaide me om en kon niet bevatten wat ik zag. James zijn masker lag onderaan de trap maar verderop herkende ik zijn blauwe uniform en iemand in een zwart galagewaad. Heel even kwam die persoon zijn gezicht in beeld. Snape? Ik haaste me de trap af. Had geen flauw idee wat ik eigenlijk moest doen en toen ik in de buurt kwam en James zijn stem kon horen bleef ik al helemaal staan. Ondanks het feit dat Snape bloedde kon ik het niet over mijn hart verkrijgen mijn beste vriend daar weg te slepen. 'Het is jou fout! Jij hebt haar pijn gedaan!' Bij elke zin die hij zei gaf James, Snape een stoot. 'Ik geef het op! Maar jij zal haar zeker nooit krijgen!' Ik snapte hoe James zich voelde. Niet dat ik ooit in zo'n situatie had gezeten maar Snape was als ware het monster voor James. Het monster dat hij zo graag weg wilde houden bij dat wat hij lief had. Mijn weerwolfvorm dat ik zo graag weg wou houden voor dat wat ik lief had was voor James, Snape. Ik zag James huilen. Snape zei niks. Het leek wel of hij het accepteerde dat James hem zo sloeg. Ik hoorde meiden achter me fluisteren. In dit soort situaties kon ik beter Sirius gebruiken. Hoewel ik betwijfelde of hij er ook niet op los ging slaan wist ik wel zeker dat als Sirius de tranen van zijn beste vriend zag hij dat niet zou doen. Maar waar was Sirius nu? Boven in de slaapzaal? Ik voelde me zo machteloos. Toen Snape uithaalde naar James vond ik het wel mooi geweest. Ik was blijkbaar zonder dat ik het door had dichterbij gelopen maar ik kon niks doen. Ik voelde James zijn pijn gewoon. 'Ik geef het op!' hoorde ik hem weer fluisteren en huilen. 'James houd op! Hij is het niet waard!' Wat moest ik doen? Wat kon ik doen?
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten