donderdag 28 juli 2011
Lily
Ik had me nog nooit zo ellendig gevoeld. Ik was verraden door degene die ik al vanaf mijn tiende een vriend noemde. Opeens verschenen er allemaal herinneringen voor mijn ogen. Severus die vertelde dat ik een heks was. Ik en Severus die praatten en Petunia die werd geraakt door een tak. Severus, die enthousiast bij me thuis was gekomen toen we de brieven van Zweinstein hadden gekregen. Ik en Severus in de trein met James, Sirius en Emma. Het moment dat ik in werd gedeeld bij Griffoendor en Severus bij Zwadderich. Ik slikte. Vanaf dat moment was het allemaal mis gegaan. Alles was toen fout gelopen. Severus had mensen ontmoet. Mensen die anders dachten. Die walgelijk dachten. En langzaam was hij ook zo gaan denken. Langzaam waren we uit elkaar gegroeid. En toch deed het nog ontzettend veel pijn. Plotseling voelde ik de warmte van een lichaam tegen de mijne aan. Even later een arm die om me heen werd geslagen. Ik had mijn handen nog altijd voor mijn ogen en mijn masker lag een paar treden onder me. Die had ik al afgegooid toen ik hier kwam zitten. Ik was dankbaar voor de arm. Het stelde me gerust. Het maakte me niet eens uit van wie de arm was. Ik leunde er dankbaar tegenaan en even later legde ik mijn hoofd op de schouder. Ik begroef mijn ogen in het gewaad. 'Ik dacht dat hij mijn vriend was.' snikte ik zachtjes. Ik was totaal gebroken. Even gebeurde er niets, maar toen trok de arm me nog wat dichter tegen zich aan. 'Stil maar.' zei een stem, die ik wel herkende, maar op dat moment niet kon plaatsen. Het maakte me ook niet uit wie het was eigenlijk.. 'Het komt wel weer goed. Je bent niet alleen.' werd er zacht gezegd. en langzaam werd ik rustiger. Het leek wel alsof mijn tranen op waren, want ze stroomden niet langer over mijn wangen. Ik snikte nog wel en mijn schouders schokten nog, maar ik werd rustiger. De persoon bleef door praten. En zijn stem was zo geruststellend, dat ik steeds een beetje rustiger werd. Ik was nog steeds ontzettend verdrietig, maar ik werd wel steeds een beetje rustiger en kon weer een beetje logisch nadenken. Ik moest me niet zo ontzettend kapot laten maken door Severus.. Dat was niet verstandig. Ik had Emma en Evanlyn nog. Twee geweldige vriendinnen. Ze waren veel beter bevriend met me dan dat Severus ooit geweest was. Ik mocht niet klagen. Ik moest gewoon sterk blijven. Ik slikte nog eens en haalde diep adem. Ik trilde nog een beetje, maar versterkte mezelf toen weer. 'Bedankt.' zei ik zachtjes tegen de schouder. 'Geen probleem.' werd er rustig teruggezegd. Waar kende ik die stem toch van.. Wie was het eigenlijk? Tegen wie zat ik nu eigenlijk al de hele tijd aan te huilen? Langzaam ging ik rechtop zitten en keek ik in zijn bruine ogen. Eigenlijk waren ze best mooi.. 'P-Potter.' stotterde ik. Meteen voelde ik me een stuk minder op mijn gemak. Dat het nou net Potter was die me had getroost.. Ik raakte er van in de war en ik keek hem met grote ogen aan.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten